Deze website maakt gebruik van cookies. Essentiële en functionele cookies zijn noodzakelijk voor de goede werking van de website en kunnen niet worden geweigerd. Andere cookies worden gebruikt voor statistische doeleinden (analysecookies) en worden alleen geplaatst als u met de plaatsing ervan instemt. Zie ons cookiebeleid voor meer informatie.

In het nieuws

28/08/2025

Willem van de Voorde – een moedige diplomaat die langetermijnbelangen verdedigt in een steeds meer competitieve wereld

Wat is jouw parcours ?Ik heb rechten en filosofie in UFSAL (Brussel) gestudeerd, mijn licentie rechten heb ik in Leuven gedaan en dan ben ik vertrokken naar Londen (LSE) voor een Master of Laws. Maar ik heb nooit als jurist gewerkt omdat ik al jarenlang wist dat ik diplomaat wilde worden. Tijdens mijn legerdienst als reserveofficier in Keulen heb ik dus mijn diplomatiek examen voorbereid.Na mijn diplomatieke stage vroeg ik om voor mijn eerste post in onze ambassade bij de EU in Brussel te kunnen werken omdat mijn echtgenote nog bezig was met haar specialisatie in de orthodontie. Dat was een prachtige eerste kennismaking met de diplomatie; ik kon onmogelijk vermoeden dat ik daar 30 jaar later nog zou terugkeren. Vervolgens kwam ik in een totaal andere wereld terecht want ik werd gedurende 6 jaar aangesteld tot secretaris van Koningin Paola, ook een fijne en unieke ervaring.In 2000 kwam mijn eerste buitenlandse post, in Berlijn. Het was een ongelooflijk interessante periode omdat dit het eerste jaar was dat de Duitse hoofdstad terug naar Berlijn was verplaatst. De stad was nog in volle opbouw en het was een nieuwe omgeving voor iedereen, voor de buitenlanders maar ook voor de Duitsers die uit Bonn kwamen en die er net als wij hun weg moesten vinden. Wij zijn daar 4 jaar gebleven. Mijn echtgenote, die Duits sprak, kon er ook 2 dagen per week werken maar met onze 4 jonge kinderen had ze er haar handen vol.In 2004 werd ik adjunct-posthoofd in Tokio, ook een intense en veel voldoening gevende post.In 2008 kwam ik terug naar Brussel, in de afdeling Europese zaken, waar ik als adjunct van de dfirecteur-generaal druk bezig was met de voorbereiding van ons EU- voorzitterschap in 2010. Nadien vervoegde ik gedurende iets meer dan 3 jaar de kabinetten van de ministers Steven Vanackere en van Didier Reynders waar ik hun Europees beleid coördineerde.In 2014 kreeg ik mijn eerste post als ambassadeur, in Wenen. Dat was een hele uitdaging omdat ik vanuit die stad ons land vertegenwoordigde in Oostenrijk, maar ook in Bosnië-Hercegovina, Slowakije, Slovenië en bij UNO-instellingen die hun zetel in Wenen hebben. In 2018 verhuisde ik naar Berlijn als ambassadeur, een erg boeiend een groot land, dat ik al eerder had leren kennen. Begin 2020 stond er weer een verhuis voor de deur en wel terug naar de Europese Unie, waar ik Belgisch permanent vertegenwoordiger werd en er verbleef tot november vorig jaar. Toen was de tijd gekomen om zoals onze interne regels het vragen, even terug te keren naar het Hoofdbestuur in Brussel, waar ik dan aangesteld werd als Speciaal gezant voor klimaat en milieu, om op horizontale manier de stem van België te vertegenwoordigen op de zeer talrijke diplomatieke fora die zich met klimaat en leefmilieu bezig houden.Wat is de rol van een diplomaat in een geconnecteerde wereld ?Diplomatieke functies zijn heel gevarieerd. Zeer algemeen gesteld beheren en ontwikkelen diplomaten relaties met andere landen. Wij zijn er om ons land, onze regering, onze bedrijven te promoten en te informeren, en om onze in het buitenland levende of reizende landgenoten te helpen indien nodig.In de wereld van vandaag is het natuurlijk veel gemakkelijker geworden dan vroeger om contacten te leggen maar de wereld is ook groter geworden en veel meer competitief. In veel landen is de welvaart enorm toegenomen – gelukkig maar! - en eisen hun bewoners een plaats op in de internationale handel, in internationale organisaties. Waar vroeger maar een klein aantal rijke, Westerse landen overal de lakens uitdeelden, is er nu een grote verscheidenheid van spelers gekomen, op alle vlakken: handel, de strijd tegen milieuvervuiling en klimaatopwarming, energiebeheer, internationale samenwerking, onderwijs, grondstoffenontginning, voedselproductie, consumptiegoederen enz… : dit creëert een erg competitieve omgeving, waarin goede afspraken en nauwe samenwerking alsmaar belangrijker worden. Vaak loopt het mis, zoals verschillende gewelddadige conflicten helaas aantonen. Er is dus veel personeel nodig om een vlotte en faire samenwerking te organiseren en om de juiste regels te maken en die governance te beheren.De laatste jaren zijn er grote verschuivingen aan de gang zoals de alsmaar versnellende klimaatopwarming, de overgang naar meer duurzame energiebronnen, de toegenomen aandacht voor toegang tot energie en grondstoffen; dit alles uit zich dan ook op de internationale diplomatieke en politieke scène, waar oude machtsverhoudingen onder druk komen te staan.Wat is jouw beste carrière-ervaring tot nu toe ? Ik heb er veel gehad, maar ik kan zonder twijfel zeggen dat de meest intense en relevante ervaring het Europees voorzitterschap in 2024 was. België zat in de cockpit van de EU, aan het einde van de legislatuur wanneer altijd veel wetgeving nog wacht op goedkeuring, met de Europese verkiezingen die georganiseerd moesten worden, de voortdurende oorlog in Oekraïne, de energiecrisis. Het hele team van de Permanente Vertegenwoordiging, en ook vele anderen in ons overheidsapparaat, hebben zich toen formidabel ingezet, en met positief resultaat. Ik heb het gevoel dat België echt toegevoegde waarde heeft kunnen brengen aan de Europese constructie.Hoe ben jij speciaal gezant voor klimaat en milieu geworden ? In het kader van de regelmatige rotatie van diplomaten, was het aan mijn beurt om naar het Hoofdbestuur in de Karmelietenstraat bij de Zavel terug te keren. Ik kreeg de kans deze functie te kiezen en dacht dat het een erg actuele en relevante problematiek was waaraan ook veel internationale onderhandelingsprocessen en diplomatieke dimensies verbonden zijn. De thematiek is ook uitdagend omdat er twee contradictorische fenomenen in samenkomen. De effecten van de globale verwarming, die alsmaar sneller verloopt, zijn nu duidelijk voor iedereen en zijn wetenschappelijk bewezen. België heeft veel gereputeerde klimatologen, en één van hen, Professor Jean-Pascal van Ypersele, was bijvoorbeeld vicevoorzitter van het IPCC, het Intergovernmental Panel on Climate Change van de UNO. Maar tegelijkertijd is er veel weerstand in de maatschappij om de effecten te temperen of om de redenen van de opwarming - in essentie de verbranding van fossiele brandstoffen – weg te werken. En dat komt omdat het een gedragswijziging vraagt. De kosten van de nodige investeringen voor de maatschappij in haar geheel, voor bedrijven, voor de particulieren zijn enorm en moeten nu gemaakt worden maar de effecten zullen pas later komen. Ook heeft de Westerse wereld een historische verantwoordelijkheid tegenover de armere landen, maar deze zullen van hun kant ook moeten aanvaarden dat hun eigen industrialisering, die na de onze gekomen is, op een meer duurzame basis zal moeten verlopen. Een transitieperiode is altijd moeilijk. Het is belangrijk om de koers te blijven aanhouden en om hierover helder en regelmatig te communiceren zodat onze politieke actie voldoende draagvlak krijgt. Daaraan probeer ik dus ook bij te dragen.Is het feit dat u lid van de adel bent, een voordeel of niet ?In België of in EU-kringen speelt dit minder een rol. Sommigen kijken er zelfs met een zeker scepticisme of een kritische blik naar. Maar in het buitenland, bijvoorbeeld tijdens mijn verblijven in Oostenrijk, Japan of Duitsland, had ik de vaak indruk dat dit als iets positiefs werd ervaren omdat het een uiting van traditie en excellentie in ons land toont die in het diplomatiek milieu gewaardeerd wordt en die die vaak deuren opent.Welke boodschap zou u willen geven voor onze leden, meer specifiek voor de jongeren ? Ik heb 3 boodschappen :1. De wereld is erg complex en geconnecteerd maar diplomatie blijft heel relevant omdat vreedzaam samenleven op aarde vraagt dat regels uitgewerkt worden. Naar vrede streven in het Midden-Oosten of in Oekraïne, het gezamenlijk beheer van de oceanen organiseren, of afspraken maken om plastiekvervuiling tegen te gaan zijn maar enkele recente voorbeelden. België heeft veel nuttige ervaring en expertise aan te bieden in veel van dit soort onderhandelingen en moet dus verder investeren in aandacht en middelen om volop betrokken te blijven in dit zeer competitieve landschap.2. De klimaatverandering en de globale opwarming beheersen, de vervuiling verminderen en de biodiversiteit beschermen moeten op de hoogste plaats in onze agenda’s blijven. Volgens de UNO is dit - terecht - een existentiële problematiek die wij alleen maar samen kunnen aanpakken. Het zal ons helpen op lange termijn.3. Wij hebben nood aan moed en doorzetting om van onze wereld een betere plaats te maken. Ik denk dan af en toe aan een mooie uitspraak die vaak aan Willem van Oranje wordt toegeschreven: Point n'est besoin d'espérer pour entreprendre, ni de réussir pour persévérer…Propos recueillis par Catherine de Dorlodot

Al het nieuws

28/08/2025

Willem van de Voorde – een moedige diplomaat die langetermijnbelangen verdedigt in een steeds meer competitieve wereld

Wat is jouw parcours ?Ik heb rechten en filosofie in UFSAL (Brussel) gestudeerd, mijn licentie rechten heb ik in Leuven gedaan en dan ben ik vertrokken naar Londen (LSE) voor een Master of Laws. Maar ik heb nooit als jurist gewerkt omdat ik al jarenlang wist dat ik diplomaat wilde worden. Tijdens mijn legerdienst als reserveofficier in Keulen heb ik dus mijn diplomatiek examen voorbereid.Na mijn diplomatieke stage vroeg ik om voor mijn eerste post in onze ambassade bij de EU in Brussel te kunnen werken omdat mijn echtgenote nog bezig was met haar specialisatie in de orthodontie. Dat was een prachtige eerste kennismaking met de diplomatie; ik kon onmogelijk vermoeden dat ik daar 30 jaar later nog zou terugkeren. Vervolgens kwam ik in een totaal andere wereld terecht want ik werd gedurende 6 jaar aangesteld tot secretaris van Koningin Paola, ook een fijne en unieke ervaring.In 2000 kwam mijn eerste buitenlandse post, in Berlijn. Het was een ongelooflijk interessante periode omdat dit het eerste jaar was dat de Duitse hoofdstad terug naar Berlijn was verplaatst. De stad was nog in volle opbouw en het was een nieuwe omgeving voor iedereen, voor de buitenlanders maar ook voor de Duitsers die uit Bonn kwamen en die er net als wij hun weg moesten vinden. Wij zijn daar 4 jaar gebleven. Mijn echtgenote, die Duits sprak, kon er ook 2 dagen per week werken maar met onze 4 jonge kinderen had ze er haar handen vol.In 2004 werd ik adjunct-posthoofd in Tokio, ook een intense en veel voldoening gevende post.In 2008 kwam ik terug naar Brussel, in de afdeling Europese zaken, waar ik als adjunct van de dfirecteur-generaal druk bezig was met de voorbereiding van ons EU- voorzitterschap in 2010. Nadien vervoegde ik gedurende iets meer dan 3 jaar de kabinetten van de ministers Steven Vanackere en van Didier Reynders waar ik hun Europees beleid coördineerde.In 2014 kreeg ik mijn eerste post als ambassadeur, in Wenen. Dat was een hele uitdaging omdat ik vanuit die stad ons land vertegenwoordigde in Oostenrijk, maar ook in Bosnië-Hercegovina, Slowakije, Slovenië en bij UNO-instellingen die hun zetel in Wenen hebben. In 2018 verhuisde ik naar Berlijn als ambassadeur, een erg boeiend een groot land, dat ik al eerder had leren kennen. Begin 2020 stond er weer een verhuis voor de deur en wel terug naar de Europese Unie, waar ik Belgisch permanent vertegenwoordiger werd en er verbleef tot november vorig jaar. Toen was de tijd gekomen om zoals onze interne regels het vragen, even terug te keren naar het Hoofdbestuur in Brussel, waar ik dan aangesteld werd als Speciaal gezant voor klimaat en milieu, om op horizontale manier de stem van België te vertegenwoordigen op de zeer talrijke diplomatieke fora die zich met klimaat en leefmilieu bezig houden.Wat is de rol van een diplomaat in een geconnecteerde wereld ?Diplomatieke functies zijn heel gevarieerd. Zeer algemeen gesteld beheren en ontwikkelen diplomaten relaties met andere landen. Wij zijn er om ons land, onze regering, onze bedrijven te promoten en te informeren, en om onze in het buitenland levende of reizende landgenoten te helpen indien nodig.In de wereld van vandaag is het natuurlijk veel gemakkelijker geworden dan vroeger om contacten te leggen maar de wereld is ook groter geworden en veel meer competitief. In veel landen is de welvaart enorm toegenomen – gelukkig maar! - en eisen hun bewoners een plaats op in de internationale handel, in internationale organisaties. Waar vroeger maar een klein aantal rijke, Westerse landen overal de lakens uitdeelden, is er nu een grote verscheidenheid van spelers gekomen, op alle vlakken: handel, de strijd tegen milieuvervuiling en klimaatopwarming, energiebeheer, internationale samenwerking, onderwijs, grondstoffenontginning, voedselproductie, consumptiegoederen enz… : dit creëert een erg competitieve omgeving, waarin goede afspraken en nauwe samenwerking alsmaar belangrijker worden. Vaak loopt het mis, zoals verschillende gewelddadige conflicten helaas aantonen. Er is dus veel personeel nodig om een vlotte en faire samenwerking te organiseren en om de juiste regels te maken en die governance te beheren.De laatste jaren zijn er grote verschuivingen aan de gang zoals de alsmaar versnellende klimaatopwarming, de overgang naar meer duurzame energiebronnen, de toegenomen aandacht voor toegang tot energie en grondstoffen; dit alles uit zich dan ook op de internationale diplomatieke en politieke scène, waar oude machtsverhoudingen onder druk komen te staan.Wat is jouw beste carrière-ervaring tot nu toe ? Ik heb er veel gehad, maar ik kan zonder twijfel zeggen dat de meest intense en relevante ervaring het Europees voorzitterschap in 2024 was. België zat in de cockpit van de EU, aan het einde van de legislatuur wanneer altijd veel wetgeving nog wacht op goedkeuring, met de Europese verkiezingen die georganiseerd moesten worden, de voortdurende oorlog in Oekraïne, de energiecrisis. Het hele team van de Permanente Vertegenwoordiging, en ook vele anderen in ons overheidsapparaat, hebben zich toen formidabel ingezet, en met positief resultaat. Ik heb het gevoel dat België echt toegevoegde waarde heeft kunnen brengen aan de Europese constructie.Hoe ben jij speciaal gezant voor klimaat en milieu geworden ? In het kader van de regelmatige rotatie van diplomaten, was het aan mijn beurt om naar het Hoofdbestuur in de Karmelietenstraat bij de Zavel terug te keren. Ik kreeg de kans deze functie te kiezen en dacht dat het een erg actuele en relevante problematiek was waaraan ook veel internationale onderhandelingsprocessen en diplomatieke dimensies verbonden zijn. De thematiek is ook uitdagend omdat er twee contradictorische fenomenen in samenkomen. De effecten van de globale verwarming, die alsmaar sneller verloopt, zijn nu duidelijk voor iedereen en zijn wetenschappelijk bewezen. België heeft veel gereputeerde klimatologen, en één van hen, Professor Jean-Pascal van Ypersele, was bijvoorbeeld vicevoorzitter van het IPCC, het Intergovernmental Panel on Climate Change van de UNO. Maar tegelijkertijd is er veel weerstand in de maatschappij om de effecten te temperen of om de redenen van de opwarming - in essentie de verbranding van fossiele brandstoffen – weg te werken. En dat komt omdat het een gedragswijziging vraagt. De kosten van de nodige investeringen voor de maatschappij in haar geheel, voor bedrijven, voor de particulieren zijn enorm en moeten nu gemaakt worden maar de effecten zullen pas later komen. Ook heeft de Westerse wereld een historische verantwoordelijkheid tegenover de armere landen, maar deze zullen van hun kant ook moeten aanvaarden dat hun eigen industrialisering, die na de onze gekomen is, op een meer duurzame basis zal moeten verlopen. Een transitieperiode is altijd moeilijk. Het is belangrijk om de koers te blijven aanhouden en om hierover helder en regelmatig te communiceren zodat onze politieke actie voldoende draagvlak krijgt. Daaraan probeer ik dus ook bij te dragen.Is het feit dat u lid van de adel bent, een voordeel of niet ?In België of in EU-kringen speelt dit minder een rol. Sommigen kijken er zelfs met een zeker scepticisme of een kritische blik naar. Maar in het buitenland, bijvoorbeeld tijdens mijn verblijven in Oostenrijk, Japan of Duitsland, had ik de vaak indruk dat dit als iets positiefs werd ervaren omdat het een uiting van traditie en excellentie in ons land toont die in het diplomatiek milieu gewaardeerd wordt en die die vaak deuren opent.Welke boodschap zou u willen geven voor onze leden, meer specifiek voor de jongeren ? Ik heb 3 boodschappen :1. De wereld is erg complex en geconnecteerd maar diplomatie blijft heel relevant omdat vreedzaam samenleven op aarde vraagt dat regels uitgewerkt worden. Naar vrede streven in het Midden-Oosten of in Oekraïne, het gezamenlijk beheer van de oceanen organiseren, of afspraken maken om plastiekvervuiling tegen te gaan zijn maar enkele recente voorbeelden. België heeft veel nuttige ervaring en expertise aan te bieden in veel van dit soort onderhandelingen en moet dus verder investeren in aandacht en middelen om volop betrokken te blijven in dit zeer competitieve landschap.2. De klimaatverandering en de globale opwarming beheersen, de vervuiling verminderen en de biodiversiteit beschermen moeten op de hoogste plaats in onze agenda’s blijven. Volgens de UNO is dit - terecht - een existentiële problematiek die wij alleen maar samen kunnen aanpakken. Het zal ons helpen op lange termijn.3. Wij hebben nood aan moed en doorzetting om van onze wereld een betere plaats te maken. Ik denk dan af en toe aan een mooie uitspraak die vaak aan Willem van Oranje wordt toegeschreven: Point n'est besoin d'espérer pour entreprendre, ni de réussir pour persévérer…Propos recueillis par Catherine de Dorlodot

28/08/2025

De dag van de overdracht 5/10/2025

In een voortdurend veranderende wereld, waar traditionele oriëntatiepunten soms vervagen, blijft de familiale overdracht een fundamentele pijler van stabiliteit, continuïteit en identiteit. Het is in deze stille rijkdom dat de Dag van de Overdracht, het resultaat van een samenwerking tussen de Vereniging van de Adel van het Koninkrijk België (VAKB) en het Koninklijk Verbond van Familieverenigingen (KVFV), geïnteresseerd is. Tijdens deze dag komen vier grote thema’s aan bod om de vele aspecten te verkennen van wat er in gezinnen wordt doorgegeven, van gisteren tot morgen.1. Waarden: een immaterieel en levend erfgoedZelfs vóór materiële goederen zijn het vaak waarden die de basis vormen van het familiebezit. Opleiding, plichtsbesef, verantwoordelijkheid, openheid voor anderen, overdracht van geloof of maatschappelijke verplichtingen; Deze principes worden gesmeed in de intimiteit van het gezin en worden door de generaties heen bestendigd.Het gaat niet alleen om het behoud van tradities, maar ook om het cultiveren van een gedeelde familiale identiteit. De levensverhalen, de doorgegeven rituelen, de impliciete regels die relaties beheersen... Al deze elementen geven vorm aan de manier waarop elk lid deel uitmaakt van een geslacht, in permanente dialoog met zijn voorouders en zijn nakomelingen.2. Archieven en familiaal geheugen: bijhouden om beter door te gevenFamilies die voor hun archieven zorgen, voeden hun geheugen en bevestigen hun aanwezigheid op lange termijn. Oude correspondenties, versleten foto's, huwelijkscontracten, patentbrieven, mondelinge opnames en familiefilms zijn soms onvermoede schatten.Vandaag de dag verrijken veel hedendaagse hulpmiddelen dit geheugen: familiebiografieën, familiepodcasts, documentaires, souvenirboeken... Deze initiatieven maken het mogelijk om de geschiedenis van een familie of van één van haar leden veilig te stellen en op een levendige manier door te geven. Want de herinnering gaat niet over het bevriezen van het verleden: het gaat erom toekomstige generaties de kans te bieden om beter te begrijpen waar ze vandaan komen zodat zij beter kunnen kiezen waar ze naartoe gaan.3. Erfenisplanning en bemiddeling: anticiperen voor een betere gemoedsrustHoewel overdracht van goederen een bron van verbanden kan zijn, kan het, als het slecht wordt voorbereid, ook spanningen of conflicten veroorzaken. Daarom wordt erfenisplanning steeds belangrijker. Door zich te omringen met bekwame professionals kunnen families de verdeling van roerende of onroerende goederen organiseren, anticiperen op fiscale kwesties, een buitengerechtelijke beschermingsmachtiging instellen of de overdracht van een familiebedrijf plannen.Naast de juridische aspecten is het van essentieel belang om ruimte te laten voor familiale dialoog, soms gefaciliteerd door bemiddelaars. Een succesvolle overdracht is een voorbereide, doordachte en vooral onderhandelde overdracht: er wordt rekening gehouden met de wensen van de erflater, maar ook met de realiteit en verwachtingen van de erfgenamen.4. Cultureel en materieel erfgoed: bewaren en tot leven brengenHistorische huizen, familiegronden, oude portretten, kunstvoorwerpen, bibliotheken of zelfs bepaalde soorten bedrijven zijn allemaal tastbaar erfgoed, getuigen van een bijzondere geschiedenis. Hun conservering en overdracht vereisen constante waakzaamheid: tussen de noodzakelijke restauraties, onderhoudskosten en aanpassingen aan de huidige normen zijn de uitdagingen talrijk.Deze goederen vertegenwoordigen echter veel meer dan een potentiële marktwaarde. Zij belichamen een levendige herinnering, een link tussen generaties en een collectieve verantwoordelijkheid. Het behoud van een familieportret of het beheer van een agrarisch landgoed dat al eeuwenlang wordt doorgegeven, is gewoon het bestendigen van een dialoog tussen verleden en toekomst.Een afspraak om na te denken over overdracht in al zijn dimensiesDe Dag van de Overdracht, die op 5 oktober plaatsvindt in de salons van de VAKB, heeft tot doel een ruimte te bieden voor ontmoeting, reflectie en concrete oplossingen. Het zal deskundigen, advocaten, notarissen, bemiddelaars, familiehistorici, archivarissen, geheugenmakers, antiquairs, psychogenealogen, erfgoedliefhebbers en vertegenwoordigers van onze "zusterverenigingen" (Vereniging der Historische Woonsteden en Tuinen, OGHB, enz.) samenbrengen, allemaal verenigd door dezelfde ambitie: families helpen behouden wat belangrijk is en doorgeven wat blijvend is.In een wereld die soms te gehaast is, waar alles voortdurend opnieuw lijkt te moeten worden uitgevonden, is het een werk van wijsheid om de tijd te nemen om na te denken over familieoverdracht. Het betekent dat men erkent dat sommige rijkdommen niet worden gewaardeerd in euro's of in vierkante meters, maar in herinneringen, waarden en verbanden.Er zal een catalogus worden opgesteld met zoveel mogelijk contactgegevens van experts, ervaren amateurs en andere professionals, om een echte "bijbel" te vormen voor al wie bij overdracht betrokken is.Het programma raadplegen https://bit.ly/programme-transmissionInscrhrijving : https://membernet.anrb-vakb.be/nl/alle-evenementen/dag-overdracht/Wij danken graaf Pierre-Alexandre de Lannoy voor het schrijven van dit artikel.

27/05/2025

De Belgische Cinema

Onze landgenoot Joseph Plateau, professor in de experimentele natuurkunde aan de Universiteit van Gent ontwikkelt in 1836 reeds een stroboscopisch apparaat, de fenakistiscoop , en levert hiermee een zeer belangrijke bijdrage tot de uitvinding van de cinematograaf door de Franse gebroeders Lumière in 1895, en dus ook tot het ontstaan van de filmindustrie. Op 1 maart 1896 vindt in een zaal in de Koninklijke Sint-Hubertusgalerijen te Brussel de eerste filmvoorstelling in België plaats.Tijdens de eerste helft van de vorige eeuw blijft de cinema bij ons het werkterrein van pioniers. Met hulp van de franse industrieel Charles Pathé richt Alfred Machin in 1910 een eerste filmstudio op. Als eerste filmproducer werkt Hypolyte De Kempeneer samen met de eerste vrouwelijke regisseur en actrice Aimée Navarra. Haar film Coeurs Belges kadert in een reeks patriottische melodrama’s waar de bescheiden Belgische filmindustrie na de Eerste Wereldoorlog op inzet. Graaf Robert de Wavrin de Villers-au-Tertre, etnoloog en ontdekkingsreiziger, leeft gedurende jaren tussen de indianen in Zuid-Amerika en legt op pellicule getuigenissen vast van verschillende culturen. De bekendste van zijn langspeelfilms zijn Au Centre de l’Amérique du Sud inconnue (1924) en Au Pays du Scalp (1931).Tijdens de jaren dertig experimenteren Charles Dekeukeleire, Henri Storck en Joris Ivens met nieuwe filmtechnieken en stichten de Belgische Documentaire School. Misère au Borinage van Storck en Ivens wordt als een eerste mijlpaal gezien. De Witte (1934) naar het boek van Ernest Claes volgt als succesvolle fictie-langspeelfilm. Regisseur Jan Vanderheyden maakt samen met Edith Kiel nog een hele reeks volkskluchten met acteurs als Gaston Berghmans, Jef Cassiers en Nand Buyl.Na de Tweede Wereldoorlog tot de jaren tachtig wordt het boerendrama een belangrijk genre. Tegelijkertijd drukken enkele cineasten hun persoonlijke stempel op de Belgische film en zorgen voor een eerste golf van internationale erkenning : Roland Verhavert (Meeuwen sterven in de haven,…),  André Delvaux ( De man die zijn haar kort liet knippen, L’oeuvre au noir,..), Harry Kümel (Malpertuis,…) en Jacques Boigelot (Paix sur les champs).Hun films zijn meer eigentijds, vaak magisch-realistisch, een trend die zich voortzet. De oprichting van de eerste filmscholen in het begin van de jaren zestig brengt een nieuwe generatie cineasten voort. Bijzondere talenten als Chantal Akerman of Raoul Servais (Gouden Palm in Cannes met Harpya) zoeken hun eigen weg in de experimentele en animatiefilm. Robbe De Hert, Guido Henderickx en Patrick Lebon bouwen in Antwerpen aan het progressieve Fugitive Cinema. Marion Hânsel, Jean-Jacques Andrien en Michel Khleifi brengen wereldcinema.In de jaren tachtig ontstaat een meer persoonlijke en realistische manier van filmmaken. Onze cinema wordt langzaam volwassen en meer verscheiden. Producenten Pierre Drouot, Erwin Provoost en Dominique Jeanne brengen financieel-economisch structuur in de sector en zetten in op promotie. Het publiek vindt de weg naar de bioscoop voor zowel populaire films als auteursfilms : Brussels by Night ( Marc Didden), Crazy Love (Dominique Deruddere) , Toto le Héros en Le Huitième Jour ( Jaco Van Dormael) , Le Maître du musique en Farinelli (Gerard Corbiau), C’est arrivé près de chez vous (Benoît Poelvoorde, Remy Belvaux, André Bonzel) en Hector, Koko Flanel en Daens (Stijn Coninx). Na de Oscar voor beste korte animatiefilm voor Een Griekse Tragedie van Nicole Van Goethem in 1987, worden Le maître du musique en Daens genomineerd voor een Oscar voor Beste niet Engelstalige film. Met Rosetta winnen Luc en Jean-Pierrre hun eerste Gouden Palm op het filmfestival van Cannes.Na 100 jaar komt er eindelijk vaart in onze filmindustrie.De gebroeders Dardenne zijn nog steeds onze vaandeldragers, met vele talenten in hun kielzog. Te veel om allemaal op te sommen, naast de schitterende actrices en acteurs, producenten, componisten, creatieve en artistieke chefs en meesters in fotografie, montage, make-up, enz…die ons land rijk is.De Belgische Cinema is naast onze pralines, bier en chocolade een exportproduct met een kwaliteitslabel geworden. De film Jeanne Dielman, 23, quai du Commerce, 1080 Bruxelles (1975) van Chantal Akerman werd In december 2022 door het Britse tijdschrift Sight&Sound uitgeroepen tot de beste film aller tijden.Van grote populariteit of regelmatig financieel succes in het buitenland kunnen we helaas nog niet spreken maar binnen het internationale festivalcircuit wordt er erg uitgekeken naar nieuw Belgisch werk. Lukas Dhont (Close, Girl,..) , Baloji (Augure) en Felix Van Groeningen (The broken Circle Breakdown, De acht Bergen,..) en anderen creëren grote verwachtingen. Het regent af en toe prijzen en Oscarnominaties zijn geen uitzondering meer.Recent wonnen de gebroeders Dardenne nogmaals enkele prijzen op het filmfestival van Cannes met Jeunes Mères. En de schitterende documentaire Sountrack to a Coup d’Etat van Johan Grimonprez werd dit jaar genomineerd voor een Oscar in de Categorie Beste Documentaire. Als Belgische co-productie won Flow in 2025 de Golden Globe en Oscar voor Beste Animatiefilm.Film kost veel geld. In Europa wordt film beschouwd als een cultureel artistiek product en gesubsidieerd, in tegenstelling tot de filmindustrie in de Verenigde Staten die op de eerste plaats puur economisch top-entertainment is. In ons land heeft elke Gemeenschap verschillende fondsen opgericht om eigen producties te steunen. Maar de budgetten zijn en blijven te beperkt. Daarnaast werd het Tax Shelter-systeem door de Overheid ingevoerd als fiscale maatregel om privé-investeringen mogelijk en aantrekkelijk te maken.De Kinepolisgroep is dan wel wereldwijd bekend, met de komst van de internationale streamingplatformen is de filmbeleving volledig geheroriënteerd. De grote spelers bepalen hoe langer hoe meer wat er wel of niet gemaakt wordt : alles moet sneller of goedkoper en onze nationale omroepen kunnen de trend niet volgen.Goede films maken is een kunst, een combinatie van verhaal, vertelling, acteren, fotografie, beweging, decors, kostuums, muziek, geluid en montage, om het geheel om te toveren tot een aangrijpende en meeslepende belevenis op een groot wit doek. Film is magie, een spiegel, een reflectie van emoties en verlangens, geeft inzichten en maakt nieuwsgierig, verbindt mensen en culturen, iets wat de wereld dringend en steeds meer nodig heeft.Er is zeer veel jong talent en het laatste decennium zochten en vonden vele jonge regisseurs en enkele acteurs hun weg in het buitenland. Om onze eigen verhalen te kunnen blijven vertellen, onze cultuur van open geest, verbeelding en creatieve vrijheid te beschermen, en onze jonge talenten niet te verliezen is er dringend nood aan nieuwe vormen van financiering.Baron Stijn Coninx, regisseur-scenarist ( Daens, Hector, Koko, Flanel, When the light comes, Soeur Sourire, Marina, Niet Schieten,….) was gedurende 28 jaar verbonden als hoogleraar aan het RITCS en docent aan het INSAS, en is ondervoorzitter van Cinematek, het Koninklijk Belgisch Filmarchief.

27/05/2025

Psychogenealogie: een erfenis die men niet kan weigeren...

Psychogenealogie werd ontwikkeld in de jaren 70 en behandelt emotionele en gedragsmatige overdrachten binnen de families.Een van de belangrijkste concepten van deze discipline is gebaseerd op het idee dat de emotionele belasting van belangrijke gebeurtenissen die onze voorouders hebben meegemaakt (onopgeloste rouw, familiegeheimen, faillissementen, tragedies of stilzwijgende geboden die de psyche vormgeven) van de ene generatie op de andere kan worden overgedragen en ons leven kan conditioneren, waardoor het ontstaan van repetitief gedrag, onverklaarbare angsten of psychosomatische symptomen wordt bevorderd.Psychotherapeute Anne Ancelin-Schützenberger maakte het ontstaan van de theorie en de ontwikkeling van deze therapeutische methode in Frankrijk mogelijk en vond het genosociogram uit. Dit bestaat uit een diagram met eigen grafische codes, die familiale genealogie, emotionele banden en historische, sociaal-culturele en economische omgevingen met elkaar verbindt.Maar het is cruciaal op te merken dat recente ontwikkelingen op het gebied van biologie en neurowetenschappen, opwindende perspectieven hebben geopend voor de psychogenealogie.Allereerst onthult epigenetica dat onze genen kunnen evolueren als reactie op externe gebeurtenissen, waaronder trauma’s. En de neurowetenschappen leren ons dat de hersenen, dankzij hun neuroplasticiteit, het vermogen hebben om oude toxische patronen te herprogrammeren en zodoende nieuwe, meer constructieve patronen op te bouwen. Door samen te werken verklaren deze drie disciplines hoe onze levenservaringen en die van onze voorouders ons gedrag beïnvloeden en hoe het mogelijk is om ons ervan los te maken.Volgens barones Sandrina d'Anethan, een ervaren psychogenealoge opgeleid bij Agnès Paoli (Mon Arbre Génial - Logique) en Bruno Clavier (Le Jardin d'Idées), vormen de existentiële of feitelijke moeilijkheden waarmee de persoon die raadpleegt wordt geconfronteerd, het uitgangspunt van zijn/haar benadering. De voorstelling die hij/zij heeft van de familiegeschiedenis en het verhaal dat hij/zij eruit haalt, maakt het mogelijk om de sterke en levendige capaciteiten van de afstamming te identificeren, maar ook de spanningen en de oplossingen die bedacht werden om het voortbestaan ervan te verzekeren.Bijzondere aandacht voor de keuze van voornamen en beroepen, verjaardagen of repetitieve situaties op significante leeftijden, dit alles benadrukt de onderlinge afhankelijkheden tussen individu’s van hetzelfde familiaal systeem, die hen kunnen beletten zich vrij te ontwikkelen. Zodra de bestaande banden die ons belemmeren herkend zijn, is het mogelijk om er ons welwillend van los te maken... en om de rest van het verhaal te schrijven, een leven waarin verleden en heden worden verzoend voor een betere toekomst. Want als we de sporen van de wonden van onze voorouders in ons dragen, dragen we ook hun veerkracht en hun liefde.Het gezegde luidt dat onze familie in ons leeft. Daarom moet ervoor worden gezorgd dat voorouders, door middel van symbolische handelingen, de hulpmiddelen krijgen die hen zouden geholpen hebben de beproevingen te overwinnen. Zodat ze hun rechtmatige plaats in de stamboom zouden kunnen vinden. Op deze wijze leiden wij de familie die in ons leeft op het pad van verlichting en bevrijding.Psychogenealogie is populair in de context van persoonlijke ontwikkeling, maar ook om emotionele blokkades en psychosomatische stoornissen te behandelen. Als waardevol hulpmiddel om de gezinsdynamiek te begrijpen, maakt het met succes deel uit van een multidisciplinaire aanpak.Veel mensen getuigen van een geruststelling en van een beter begrip van zichzelf : door zich bewust te worden van de psychische erfenissen van hun voorvaderen, zijn ze in staat geweest zich de hulpbronnen van de boom toe te eigenen terwijl ze zich bevrijdden van gewichten die niet de hunne waren en zo opnieuw verbinding maakten met een meer stimulerend levenspad. Het is dus inderdaad een werk van emancipatie en individuatie in het heden dat de transgenerationele analyse voorstelt.Sophie du Fontbaré de Fumal, een talentontwikkelaar bij Ozratu en gepassioneerd door het onderwerp, is van mening dat deze methode nuttig kan zijn voor het overwinnen van repetitieve patronen (romantische mislukkingen, terugkerende financiële problemen, onverklaarbare ziektes), het beter begrijpen van de relatie met anderen en zichzelf, om zodoende toegang te krijgen tot een vorm van transgenerationele veerkracht.Sandrina d'Anethan en Sophie du Fontbaré de Fumal zullen aanwezig zijn op het "Overdrachtssalon" georganiseerd door de VAKB op 5 oktober 2025. Kom en luister naar hen om de effectiviteit en de voordelen van deze discipline te ontdekken.Wij danken graaf Pierre-Alexandre de Lannoy voor het schrijven van dit artikel.

24/04/2025

Jean Ferrat zong: "De vrouw is de toekomst van de man". Wat een mooie gelegenheid om in onze turbulente wereld, vragen te kunnen stellen aan Anne-Claire de Liedekerke, voorzitster van de vereniging Make Mothers Matter - MMM. Met overtuiging, duidelijkheid en een warme en waardevolle vastberadenheid stemde zij ermee in om onze vragen te beantwoorden.

Hoe is deze MMM-beweging tot stand gekomen?Make Mothers Matter is een vereniging zonder politieke of religieuze overtuiging, geboren in 1947 bij UNESCO, in een naoorlogse context: tijdens de oorlog, toen mannen en veel kinderloze vrouwen aan het front streden, waren het de moeders die "de boel draaiende hielden", door te zorgen voor de boerderijen, de winkels, de bedrijven... bovenop het huishouden en de opvoeding van de kinderen. Zij moeten alles beheren. Het was naar aanleiding van het internationale congres "La mère, ouvrière du progrès humain", georganiseerd bij UNESCO, dat de Wereldbeweging van Moeders omgedoopt werd tot Make Mothers Matter – MMM.MMM verdedigt de vrouwen die moeder zijn en waardeert hun rol in het gezin en in de samenleving. MMM nodigt ons onvermoeibaar uit om zich ervan bewust te worden dat moeders actoren zijn van verandering voor een betere wereld en dat hun actie een impact heeft die veel verder reikt dan de familiale kring."Als moeders gesteund en erkend worden," zegt u, "zijn zij actoren van verandering", wat zou dan hun rol zijn?Het feit dat wij de rol van moeders erkennen, betekent dat wij ook het concept "CARE" (een allesomvattend woord voor "zorgen voor") verdedigen. Dit WERK van zorg en onderwijs (het is echt "werk", ook al is het onbetaald!) is heel erg belangrijk om het familiaal en sociaal evenwicht te behouden! Het is werk dat onzichtbaar gemaakt wordt en toch gaan daarachter economische, ontwikkelings-, sociale rechtvaardigheids-, gelijkheids- en zelfs vredeskwesties schuil. Op een symposium in Bangladesh hoorde ik deze kreet uit het hart van vrouwen die dezelfde was als die van moeders in ons land: "Wij vragen om ERKENNING voor ons werk in ons gezin!" Het is zo noodzakelijk en voor de hand liggend, want "probeer het eens zonder moeders"! In een wereld van betaalde arbeid "begint de echte loonkloof bij de geboorte van het eerste kind...”. En dit is een groot onrecht voor moeders die zich maar al te vaak in de armste categorie van de bevolking bevinden. Deze vaststelling werd in het leven geroepen door Claudia Coldin, een Amerikaanse onderzoekster en Nobelprijs voor economie in 2023. Maar MMM beweert dit al heel lang!Wat zijn de belangrijkste actiegebieden van MMM?De opwaardering van het gezinswerk van “zorg en onderwijs” die een reële impact heeft op de toekomst van landen; de ontwikkeling in de vroege kinderjaren vanwege het belang van een affectieve en emotionele basis; het combineren van gezins- en beroepsleven; de mentale gezondheid van moeders, vaak de uitputting nabij, wegens de zware belasting van gezin en werk. Want overal zijn het de moeders die het meest voor de kinderen zorgen. Ze zijn soms ook het slachtoffer van geweld, terwijl ze – wat een geweldige paradox – de macht hebben om vrede te bevorderen en de waarden van sociale cohesie bij te brengen. Ten slotte de inzet van vaders, een essentiële hefboom om de situatie te veranderen door zich meer in te zetten in de zorg voor en het onderwijs van kinderen.Hoe kan een moeder erin slagen om het gezins- en beroepsleven te verenigen? Hoort de arbeidswereld deze dringende vraag?Sinds het begin van het industriële tijdperk zijn gezinnen zich blijven aanpassen aan de arbeidswereld. Vandaag de dag moet de arbeidswereld zich aanpassen aan gezinnen. Dit is van vitaal belang voor onze samenlevingen. Het is een kwestie van beseffen dat op bepaalde momenten prioriteit moet worden gegeven aan het gezin. Het ontwikkelen van flexibiliteit op het werk en van deeltijds werk; De intrede in de arbeidsmarkt vergemakkelijken door de vaardigheden die door het gezinswerk zijn verworven, te waarderen. De diversiteit van beleidsvormen en maatregelen moet gepaard gaan met de diversiteit van de keuzes en mensen.MMM werkt ook in partnerschap met andere organisaties. Hoe?MMM is een wereldwijde vereniging met een netwerk van partnerverenigingen die ter plaatse optreden met en voor moeders. MMM hoort de stemmen van moeders en laat ze ook horen: we horen wat moeders in verschillende landen zeggen en herhalen dit op het niveau van internationale instellingen om wetten en maatregelen tot stand te brengen die een antwoord bieden op de uitdagingen waarmee moeders worden geconfronteerd.De kracht van MMM is het feit dat wij bruggen slaan tussen moeders en beslissers. Ons doel is om moeders te ondersteunen met een diepgaande en blijvende impact op hun kinderen, hun families en meer in het algemeen op de samenleving als geheel.Thomas d'Ansembourg schreef dat "een gepacificeerde burger een pacificerende burger is". Wat een sterke evidentie om zonder voorbehoud aan onze samenleving aan te bieden. Door zijn inzet, zijn juiste woorden en zijn bezorgdheid om moeders te verenigen, probeert MMM deze evidentie continu en met een flinke dosis enthousiasme te verbeteren!Wij danken gravin Emmanuel de Ribaucourt voor het schrijven van dit interview.

24/04/2025

In het hotel de Gaiffier d'Hestroy in Namen, waar het museum van oude Naamse kunsten is gevestigd, debuteert de tentoonstelling LOUISE D'ORLÉANS, eerste koningin der Belgen: een romantisch lot.

De heer Julien de Vos is voor de Provincie Namen directeur van de Dienst Musea en Cultureel ErfgoedPhilippe de Potesta: geachte heer de Vos, is er een verschil tussen de tentoonstelling over Louise d'Orléans die in Chantilly plaatsvond en de tentoonstelling die momenteel tot half juni in Namen loopt?Julien de Vos: de tentoonstelling in het Musée Condé in Chantilly was een gelegenheid om de bijzondere plaats die Louise innam in het koninklijk huis van Orléans op te roepen en om het belang ervan op een bepaalde manier te rehabiliteren, met een bijzondere nadruk op de smaken en de passies die ze van haar ouders had geërfd. De tentoonstelling in Namen voegt een aanvullende, meer persoonlijke component toe aan deze eerste presentatie, niet alleen dankzij de geschriften van de vorstin (haar overvloedige correspondentie, haar schetsboeken, haar "schoolmeisjes"-oefeningen, haar reisnotitieboekjes, enz.), maar ook dankzij de hulp van voorwerpen en souvenirs die zij verzamelde of zelf maakte. Zo onthult de scenografische rondleiding bijvoorbeeld voor het eerst juwelen en sentimentele voorwerpen, maar ook sculpturen, tekeningen en aquarellen die de eerste koningin der Belgen zorgvuldig in haar appartementen bewaarde in romantische portefeuilles of albums. De voorgestelde stukken, die nog nooit tevoren tentoongesteld waren, zijn dus talrijker en diverser om met bescheidenheid de intimiteit van Louise te ontdekken, vanaf haar passie voor de Middeleeuwen en zijn kastelen, tot haar Belgische verbondenheid en de gevechten die haar visie op de koninklijke functie hebben gesmeed. Aan het einde van het bezoek, ver van de visie van een zichzelf wegcijferende vrouw en een vergeten koningin die de herinnering al te vaak heeft achtergelaten, wordt Louises persoonlijkheid aan de bezoeker onthuld zoals die er destijds uitzag: een icoon voor België die haar beschermengel werd, een eerste koningin der Belgen die het lot van een romantische heldin kende.Ph de P: Is er onder de tentoongestelde stukken eentje die een bepaalde emotie oproept?J de V: Het tentoongestelde object dat voor mij en voor de bezoekers de meeste emotie opwekt, is ongetwijfeld de gouden armband met de medaillons in de vorm van hartjes, met daarin het haar van Louises naaste familieleden. Dit kostbare juweel, dat de Koningin der Belgen in staat stelde innig dicht bij haar dierbaren te blijven, werd op 3 april 1844 door koningin Victoria van Engeland geschonken ter gelegenheid van de verjaardag van Louise. Het maakt deel uit van de lange romantische traditie van sentimentele sieraden die gebruikt werden als kostbare reliekhouders, naar believen meegenomen door Louise tijdens haar uitstapjes of, vaker, gedragen in de privacy van haar appartementen. Ze zijn de belichaming van de hechte banden en van de familiale herinneringen die de leden van de prinselijke hoven graag opriepen, door dergelijke voorwerpen aan te bieden en uit te wisselen. De miniaturisten, makers van deze sentimentele juwelen, waren bijzonder gezochte kunstenaars, in zoverre dat de kostbaarheid van de gouden recipiënten - vaak versierd met edelstenen - kon worden gecombineerd met het gebruik van miniaturen, gemaakt door de grootste kunstenaars, van wie de beroemdste ongetwijfeld William Charles Ross is. Geïnspireerd door de officiële portretten van Franz Xaver Winterhalter, concentreerde de miniaturist zich op het behoud van alleen maar de ogen, die als "de stem van de ziel" werden beschouwd. En het is deze overvloed van pupillen die opvalt, terwijl in verschillende van deze medaillons bepaalde inscripties soms de "eigenaar" van het oog identificeren. In andere gevallen wordt de voornaam op het deksel gevormd door het gebruik van acrostichons, waarbij de initiaal van elke steen een zeer specifieke letter vertegenwoordigt. De kostbaarheid van deze twee objecten, intiem en vertrouwd, werpen een ontroerend licht op de gevoelens die de koningin in haar dagelijks leven ervaart. Het zijn de onderzoekingen, die in nauwe samenwerking met het Musée Condé werden uitgevoerd, die het mogelijk maakten om niet alleen geschiedenis van deze stukken terug te vinden en te traceren, maar ook om de stukken zelf te verwerven. Zij zijn nu eigendom van het museum van Chantilly en zijn dus toegetreden tot de collecties waarvan het ontstaan gevormd werd door Louises eigen broer, de hertog van Aumale Henri d’Orléans.Hartelijk dank aan de heer de Vos, een man met een passie voor geschiedenis, voor zijn uitleg die ons echt zin geeft om deze fascinerende tentoonstelling over onze eerste koningin te ontdekken op de prestigieuze plaats die het hotel de Gaiffier d'Hestroy is, in het centrum van Namen. Tentoonstelling geplaatst onder de Hoge Bescherming van Hare Majesteit de Koningin.Tentoonstelling geplaatst onder de Hoge Bescherming van Hare Majesteit de Koningin.Philippe de Potesta

24/04/2025

CARE Belgium : Handelen voor een stabielere en rechtvaardigere wereld

In een snel veranderende wereld, gekenmerkt door steeds complexere geopolitieke, economische en ecologische crises, staat internationale solidariteit voor grote uitdagingen. De huidige context is bijzonder moeilijk: oorlog in Oekraïne, klimaatcrisis, voedselonzekerheid... allemaal verschijnselen die de ongelijkheid vergroten en de stabiliteit in de wereld ondermijnen. In deze turbulente en onzekere context is het essentieel om onszelf een fundamentele vraag te stellen: kunnen we echt zonder internationale solidariteit?Het antwoord is nee. Internationale solidariteit is niet alleen een morele verplichting; het is een pijler van stabiliteit voor de hele planeet. Dankzij humanitaire hulp en internationale samenwerkingsinitiatieven is op veel gebieden aanzienlijke vooruitgang geboekt. De afwezigheid van grote conflicten tussen landen van de Europese Unie sinds 1945 is een treffend voorbeeld. Ook is de extreme armoede drastisch gedaald, van 36% in 1990 tot 8,5% nu. Deze vooruitgang is het resultaat van internationale samenwerking en de inzet van NGO's, die zich dagelijks inzetten om crises aan te pakken.NGO's staan vandaag voor vele uitdagingen: toenemend nationalisme, in zichzelf gekeerde houdingen en de versnippering van solidariteitsinitiatieven. Deze moeilijkheden mogen ons echter niet blind maken voor de mogelijkheden die een op samenwerking gebaseerde en inclusieve aanpak biedt. De tot nu toe geboekte vooruitgang toont aan dat het mogelijk is om collectief het verschil te maken, en er zijn vele voorbeelden die aantonen dat collectieve actie blijvende overwinningen kan opleveren, zoals de uitroeiing van de pokken of de ecologische vooruitgang die geboekt werd met het Protocol van Montreal.Bij CARE Belgium kiezen we voor actie. Sinds 2015 heeft ons CARE International netwerk 210 miljoen mensen ondersteund. Maar om deze vooruitgang te bestendigen, moet solidariteit een prioriteit blijven. We zetten ons niet alleen in voor tijdelijke oplossingen, maar ook voor investeringen in duurzame acties die mensen in staat stellen zich te herstellen en te versterken op lange termijn. Dit betekent een holistische aanpak, waarbij noodhulp, lokale capaciteitsopbouw en maatregelen ter bevordering van de veerkracht bij toekomstige crises worden gecombineerd.Internationale solidariteit is geen optie, maar een noodzaak als we een stabielere, eerlijkere en rechtvaardigere wereld willen opbouwen. Het is met deze overtuiging dat we ons werk dagelijks voortzetten en miljoenen mensen in kwetsbare situaties ondersteunen. Maar om deze vooruitgang te kunnen voortzetten, is het essentieel dat solidariteit een wereldwijde prioriteit blijft en dat ieder van ons, door middel van concrete acties, dit engagement blijft ondersteunen.Met dit in gedachten nodigen we je uit om samen met ons de internationale solidariteit te steunen. We hopen jullie onder ons te mogen tellen op 12 juni 2025 in het Egmontpaleis, om samen de 10de verjaardag van ons Liefdadigheidsgala te vieren, onder het voorzitterschap van Hare Koninklijke Hoogheid Prinses Esméralda van België, Erevoorzitster van CARE Belgium. Deze historische avond zal een decennium van solidariteit en steun vieren voor de projecten die we over de hele wereld uitvoeren om vrouwenrechten te promoten, de effecten van klimaatverandering te bestrijden en te reageren op humanitaire noodsituaties.We willen graag Baron (Johan) Swinnen bedanken voor het produceren van dit artikel en de bijdrage van Odile de Saint-Marcq, secretaris-generaal van CARE Belgium.

01/04/2025

Na afloop van het feest, de evaluatie: ontmoeting met baron (Guy) de Borchgrave, verantwoordelijke voor het vakb-bal

Het 75e VAKB-bal werd dit jaar gehouden in het teken van feest, elegantie en solidariteit. Een uitzonderlijk moment dat verschillende generaties samenbracht rond hetzelfde doel: de acties van Solidaritas steunen en tegelijkertijd een kostbare traditie voortzetten.Maar achter het licht en de muziek gaan maanden van voorbereiding en de niet aflatende inzet van een team vrijwilligers vooraf, die dit evenement mogelijk maken. Guy de Borchgrave, die al bijna 15 jaar aan het hoofd van deze organisatie staat, deelt met ons zijn beoordeling van deze historische editie en blikt terug op zijn engagement van meer dan 40 jaar binnen de VAKB.Een succesvol 75e balWat waren volgens u de grote successen van deze editie?"De pianobar was echt een succes: een geweldige sfeer en een heel talrijk publiek.De sfeer op de dansvloer, vanaf het begin van het bal, was bijzonder enthousiast, voor alle generaties ! Om nog maar te zwijgen over de fotocel, die een groot succes was."Een jubileumeditie als geen anderWaarin verschilde deze 75e editie van de vorige?"Wij hebben een paar specifieke details toegevoegd om het jubileum te benadrukken, zoals aangepaste tafelnamen als eerbetoon aan leden die een sleutelrol hebben gespeeld sinds het begin van het bal of een speciale aandacht voor iedereen die dit jaar zijn 75e verjaardag viert. Bertrand de Jamblinne heeft over de geschiedenis van het bal zelfs een website gemaakt ."Een langdurige verbintenisU bent al meer dan 40 jaar betrokken bij de VAKB en meer dan 30 jaar bij het bal. Wat is uw diepe motivatie?"De VAKB is een oude dame waar ik heel veel van hou. Ik werd geïnspireerd door voorbeeldfiguren als graaf Jean d'Ursel en Mevrouw Martens de Noordhout, die mij “goesting” gaven om mij te engageren."Wat raakt u het meest in dit menselijke avontuur?"Ik waardeer het vooral dat jongeren elkaar een avond lang aan de andere kant van de dienstverlening ontmoeten als obers en vrijwilligers. Velen van hen kijken na deze ervaring nooit meer op dezelfde manier naar een ober."Hoe is het bal in de loop der jaren geëvolueerd?"Het bal blijft traditioneel en multigenerationeel, wat een bewuste keuze is. Sommige veranderingen zijn noodzakelijk, vooral met nieuwe technologieën, maar ze moeten met finesse worden geïntegreerd om een deel van het publiek niet te destabiliseren. Ik denk onder meer aan de pianobar of de deelname aan bepaalde rally's. Sommige mensen vinden het bal 'stofferig', ik zeg liever 'traditioneel'."Waarom naar het bal komen?Wat zegt u aan wie nog nooit heeft deelgenomen en nog steeds twijfelt?"KOM! Wie komt, gaat nooit meer weg !"Wat maakt dit evenement uniek?"De multigenerationele sfeer. Het is zeldzaam om grootouders, ouders en kleinkinderen op dezelfde dansvloer te zien."Een geoliede organisatieHoeveel mensen werken er achter de schermen?"We hebben een team van 25 mensen, allen verantwoordelijk voor een onderdeel, die garant staan voor een vlotte organisatie. Op de avond van het bal nemen 140 vrijwilligers het over om alle diensten tot het einde van de nacht te verzekeren."Wanneer begint de voorbereiding van een editie?"De dag na het bal!"Een engagement voor solidariteitNaast de feestelijkheden heeft het bal ook een sociale en solidaire roeping. Kunt u ons eraan herinneren wat dit evenement kan financieren?"Het bal is een van de meest lucratieve evenementen voor Solidaritas. Wij willen dat het toegankelijk blijft voor al onze leden, terwijl we onze solidariteitsacties ondersteunen."Hartelijk dank aan Guy de Borchgrave en zijn hele team voor hun opmerkelijke werk. Dankzij hun inzet blijft het VAKB-bal zijn tradities in ere houden en tegelijkertijd bijdragen aan een essentiële zaak.Tot volgend jaar, op de derde zaterdag van maart, voor een nieuwe onvergetelijke editie!

01/04/2025

Gekruiste blikken... bruisend!

Net zoals de felle kleuren van de regenboog een landschap verrijken, kan het creëren van verbanden en affiniteiten tussen musea een wereld van mogelijkheden openen! Dit was het geval tijdens de vruchtbare ontmoeting tussen Valentine Boël, voorzitster van de Vrienden van de Koninklijke Musea voor Kunst en Geschiedenis en Eline Ubaghs, voorzitster van de Vrienden van de Koninklijke Musea voor Schone Kunsten.André Malraux zei dat een bezoek aan een museum een genot voor de geest was: laten we eens kijken naar het menu.Eline Ubaghs belicht het bij uitstek multiculturele karakter van Brussel en nodigt musea uit om te communiceren over de waarden van ons land, die het mogelijk maken om de denkpatronen te begrijpen die tot onze huidige cultuur hebben geleid. Het vooruitzicht van het 200-jarig bestaan van het Koninkrijk herinnert ons aan deze noodzaak. Tegen 2030 zullen de Koninklijke Musea voor Schone Kunsten genieten van tal van structurele upgrades. De werken zullen het noodzakelijk maken om meerdere collecties te verplaatsen. Gerenoveerde tentoonstellingszalen zullen geopend worden voor het publiek om een nieuw museaal parcours van de permanente collecties aan te bieden, met werken uit de 15e tot de 21e eeuw die niet langer chronologisch gecompartimenteerd zullen worden. Deze tentoonstelling zal meer transversaliteit, diversiteit en inclusie bieden.De musea die in 2024 meer dan 700.000 bezoekers verwelkomden, zullen hun beleid van bruiklenen en partnerschappen met exposities over de hele wereld voortzetten, teneinde hun collecties op te waarderen.In dezelfde geest wijst Valentine Boël erop dat de vzw Vrienden van de Koninklijke Musea voor Kunst en Geschiedenis 50 jaar geleden werd opgericht door Pierre Solvay om musea toegankelijk te maken en cultuur te promoten bij een breed publiek. Daarnaast wou hij ook deze musea steunen bij de opwaardering en de verrijking van hun collecties door middel van de restauratie van museumwerken en de aankoop van werken met een wetenschappelijke waarde voor collecties die een gelijkaardige kwaliteit en interesse vertonen als die van het Victoria & Albert Museum in Londen. "De kennis van de collecties en het plezier van het ontdekken mogen delen met bezoekers, laat ons toe alle facetten van de wereld waarin we leven te waarderen. Bovendien vereren de curatoren ons altijd met hun aanwezigheid op onze evenementen, die zij aanvullen met hoogwaardige conferenties en presentaties." Zij voegt eraan toe: "Ons zeer dynamische team doet erg veel moeite om een aantrekkelijk programma te ontwikkelen van bezoeken, zowel tijdens de week als in het weekend, nocturnes, gespecialiseerde bezoeken met de curatoren, evenals activiteiten voor grootouders en kleinkinderen".Overtuigd vervolgt ze: "De horizon van 2030 is een uitdaging voor een ruimere zichtbaarheid van musea en het beter tot hun recht laten komen van de collecties in een nieuwe setting met de heropening van de gerenoveerde zalen. Onze twee belangrijkste projecten zijn de digitalisering van de bezoeken via een app voor de nieuwe 19e- en 20e-eeuwse zalen die we in juni zullen inhuldigen en de inrichting van een onthaal in het Museum voor Kunst en Geschiedenis door vrijwilligers.Het is in dezelfde geestestoestand dat Eline Ubaghs werkt  : "De Vrienden zullen zich meer dan ooit inzetten om de Musea te helpen bij het vervullen van hun doelstellingen. Hun bijdrage richt zich voornamelijk op het verwelkomen van bezoekers en het ondersteunen van de opleiding van een steeds gediversifieerder publiek, in het bijzonder de jonge bezoekers. »Ze vervolgt: "In 2025 zullen de Vrienden 100 gratis rondleidingen aanbieden voor onderwijsscholen in België, prioritair voor de minder bedeelde scholen. Zij zullen de productie en de distributie financieren van het Kleine Draagbare Museum, ontwikkeld door de culturele Bemiddeling van Musea, evenals de opleiding van leraren die verantwoordelijk zijn voor het gebruik van deze kits op scholen. Ze zullen bijdragen aan het opleiden van freelance gidsen in diversiteit; zij zullen de uitrusting van het "Museum op Maat" vernieuwen, dat een programma aanbiedt, aangepast aan kwetsbare of mindervalide bezoekers. Op een meer originele denkwijze zullen zij de realisatie mogelijk maken van een academisch project met dermatologen van de VUB over de studie van verven... De Vrienden willen hun leden kennis laten maken met kunst en publiceren twee keer per jaar een boekje "Become a Friend" met informatie over werken, tentoonstellingen, evenementen en culturele initiatieven die gericht zijn op het openstellen van de Brusselse, Europese en zelfs mondiale culturele scène. »Valentine Boël en Eline Ubaghs beklemtonen allebei dat ze uitsluitend met vrijwilligers werken; al het geld wordt geïnvesteerd in publicatie-, restauratie- en aankoopprojecten voor musea. Ze zijn een groot voorstander van het idee dat een museum een ontmoetingsplaats is, in een geest van diversiteit en universaliteit, om weerstand te bieden aan het obscurantisme dat steeds meer op de planeet heerst. Dit is een boodschap die met name aan de jongere generaties moet worden doorgegeven.Het belang van cultuur is doorslaggevend om elkaar beter te begrijpen en om verschil – met zijn verrijkende eigenschap – te aanvaarden. De steun van de Vrienden is van vitaal belang voor onze Belgische musea. Zegt men niet dat musea de sterrenchefs van cultuur zijn?De ontmoeting van twee persoonlijkheden die zo bezorgd, helder en enthousiast zijn, bleek een fascinerende ervaring; Deze warme en relevante gekruiste blikken maken een mooie afsluiting mogelijk: het zijn op elkaar afgestemde blikken geworden! We willen gravin Emmanuel de Ribaucourt bedanken voor het schrijven van dit interview.